Logeren op de boerderij in Vlaanderen: adressen én gids voor wie zelf met hoevetoerisme wil starten

Home>Verhalen>

Logeren op de boerderij in Vlaanderen: adressen én gids voor wie zelf met hoevetoerisme wil starten

Delen

Logeren op de boerderij combineert een verblijf met het dagelijkse leven op of rond een landbouwbedrijf. Voor gasten betekent dat wakker worden tussen velden of dieren en de boerderij van dichtbij meemaken. Voor landbouwers kan hoevetoerisme een interessante verbredingsactiviteit zijn, maar het is tegelijk een volwaardige logiesuitbating: aanmelden, brandveiligheid en verzekeringen zijn geen vrijblijvende extra's.

Voor VLIF-steun is de term hoevetoerisme bovendien strikter afgebakend dan in het dagelijkse taalgebruik. Het moet gaan om verblijfstoerisme op een actief en volwaardig landbouwbedrijf, waarbij de landbouwactiviteiten mee een reden zijn waarom de toerist voor het verblijf kiest. Gasten moeten het bedrijf kunnen bezoeken en er informatie over krijgen, en de landbouwer-uitbater moet op dezelfde exploitatie wonen. Is de landbouwactiviteit verdwenen of nog maar beperkt aanwezig, dan spreekt het VLIF van plattelandstoerisme in plaats van hoevetoerisme.

Waar kun je logeren op de boerderij in Vlaanderen?

In elke Vlaamse provincie vind je actieve landbouwbedrijven waar toeristen kunnen overnachten. Het aanbod loopt van kleine vakantiewoningen voor twee personen tot groepsverblijven, glamping en grote hoevewoningen.

Onderstaande adressen vormen een selectie, geen volledige inventaris. De vermelde prijzen waren publiek beschikbaar en gecontroleerd in augustus 2026. Vakantieperiodes, feestdagen, groepsgrootte en verblijfsduur kunnen de uiteindelijke prijs wijzigen.

Wie verder wil zoeken, kan het Basisregister Vlaams Logiesaanbod raadplegen. Daarin staan alle bij Toerisme Vlaanderen aangemelde en erkende logies. Dat is ook een nuttige controle wanneer je via een andere website of boekingsplatform een boerderijverblijf vindt.

Wat maakt logeren op een boerderij anders dan een gewone vakantiewoning?

De landbouwactiviteit is bij echt hoevetoerisme een deel van de ervaring. Op De Drieshoeve krijgen bezoekers bijvoorbeeld inkijk in een melkveebedrijf, terwijl gasten van de Michaelhoeve kennismaken met een gemengd landbouwbedrijf in Haspengouw. Bij Lianko verblijven ze op een werkende familieboerderij met onder meer varkens en akkerbouw.

Dat betekent niet dat ieder verblijf een permanent activiteitenprogramma moet aanbieden. Juist het gewone boerenleven kan aantrekkelijk zijn: zien hoe dieren verzorgd worden, horen waarom een gewas op een bepaald moment wordt geoogst of begrijpen waar het eten vandaan komt.

Voor gezinnen is die authenticiteit een troef, maar een actieve boerderij blijft tegelijk een werkplek. Machines, dieren en productieruimtes vragen duidelijke grenzen. Een goed hoeveverblijf maakt daarom helder waar gasten vrij kunnen komen, welke activiteiten onder begeleiding gebeuren en welke zones tot het landbouwbedrijf behoren.

Mag je als landbouwer zomaar gasten laten overnachten?

Nee. Wie in Vlaanderen toeristen tegen betaling laat overnachten, moet het logies verplicht aanmelden bij Toerisme Vlaanderen en voldoen aan de voorwaarden van het Vlaamse Logiesdecreet. Een officiële erkenning is daarentegen vrijwillig. Zodra het verblijf aan de verplichte basisvoorwaarden en de relevante uitbatingsnormen voldoet en correct is aangemeld, kan de uitbating starten.

Het onderscheid tussen aanmelding en erkenning is belangrijk. Een aangemeld logies is niet automatisch een door Toerisme Vlaanderen erkend logies. Wie voldoet aan de voorwaarden kan die erkenning gratis aanvragen. Voor bepaalde steun van Toerisme Vlaanderen is erkenning wel een voorwaarde.

Ook de naam waaronder je het verblijf aanbiedt, speelt een rol. Benamingen als vakantiewoning, B&B, hotel, hostel, camping, camperterrein en vakantiepark zijn beschermd. Wie zo'n benaming gebruikt, moet naast de algemene regels ook voldoen aan de bijkomende voorwaarden voor dat logiestype.

Controleer vóór een verbouwing bovendien de stedenbouwkundige situatie met de gemeente. Het Logiesdecreet vereist dat een uitbating in overeenstemming is met de geldende ruimtelijke voorschriften en eventuele noodzakelijke vergunningen. Een oude stal kunnen verbouwen betekent dus niet automatisch dat die daarna als toeristisch verblijf mag worden gebruikt.

Welke regels gelden voor brandveiligheid?

Elk toeristisch logies in Vlaanderen moet over een positief brandveiligheidsattest beschikken. Welke normen gelden, hangt onder meer af van het type verblijf, het aantal verhuureenheden en het aantal slaapplaatsen. Een vakantiewoning wordt daarbij altijd als één verhuureenheid beschouwd en moet een eigen individueel brandveiligheidsattest hebben.

Voor kleine kamergebonden logies — doorgaans maximaal drie verhuureenheden en samen maximaal negen slaapplaatsen — verloopt de controle via ACEG. Voor grotere verblijven loopt de procedure via de gemeente of hulpverleningszone en voert de lokale brandweerpreventiedienst de controle uit.

Dat is een goede reden om brandveiligheid voor het tekenen van verbouwplannen te bekijken. De positie van vluchtwegen, compartimentering en capaciteit kan immers mee bepalen hoe een bestaande schuur of woning praktisch kan worden ingericht.

Welke verzekering heb je nodig?

Een logiesuitbater moet zowel een brandverzekering als een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid voor het logies en de uitbating hebben. Die burgerlijke aansprakelijkheid moet schade dekken die de uitbater of zijn aangestelden veroorzaken tijdens de exploitatie.

Voor een landbouwbedrijf is het verstandig om dit niet simpelweg als een uitbreiding van de bestaande boerderijpolis te beschouwen. Gasten creëren andere risico's dan werknemers, leveranciers of professionele bezoekers. Bespreek daarom expliciet met de verzekeraar dat er betalende toeristen overnachten en welke activiteiten zij op het landbouwbedrijf mogen uitvoeren.

Wat als je ook ontbijt serveert?

Wie kamers verhuurt en uitsluitend een koud of warm ontbijt aan de gasten aanbiedt, valt bij het FAVV onder de activiteit 'kamer met ontbijt'. Daarvoor volstaat een registratie. Zodra je ruimere maaltijden bereidt of andere voedingsactiviteiten combineert met het logies, kunnen andere FAVV-activiteiten en voorwaarden van toepassing worden.

Die vraag is bij een landbouwbedrijf extra relevant. Een ontbijt met eigen fruitsap, zuivel, eieren of producten van collega's kan een sterk onderdeel van de boerderijbeleving zijn, maar toeristische logiesregels en voedselveiligheidsregels blijven twee aparte kaders.

Kun je VLIF-steun krijgen voor hoevetoerisme?

Ja, voor bepaalde investeringen in hoevetoerisme is 40% VLIF-steun mogelijk binnen de categorie investeringen in verbredingsactiviteiten. Dat percentage geldt niet automatisch voor een volledige verbouwing: alleen investeringen en bedrijven die aan de voorwaarden voldoen komen in aanmerking.

De actuele VLIF-fiche van juli 2026 legt de lat vrij duidelijk. Het toeristische verblijf moet deel uitmaken van een actief en volwaardig landbouwbedrijf. Bij subsidiabele gebouwen gaat het om het uitrusten en inrichten van bestaande landbouwbedrijfsgebouwen; onder meer de binneninrichting, specifieke afwerking en structurele indeling kunnen binnen de voorwaarden vallen. De verblijfsgelegenheden moeten structureel deel uitmaken van de bedrijfszetel en nauw aansluiten op de landbouwactiviteit.

De schaal is eveneens begrensd: voor deze VLIF-regeling gaat het om maximaal acht verblijfsgelegenheden voor samen maximaal 32 personen. Voorzieningen voor een camping komen binnen deze maatregel niet in aanmerking.

Wie een verbouwing overweegt, doet er daarom goed aan eerst zijn concrete investeringsplan naast de meest recente VLIF-fiche te leggen. “Ik start een vakantiewoning op mijn boerderij” volstaat op zichzelf niet om te besluiten dat de geplande werken steunbaar zijn.

Hoeveel kan hoevetoerisme werkelijk opbrengen?

Er bestaat momenteel geen betrouwbare publieke Vlaamse gemiddelde bezettingsgraad specifiek voor hoevetoerisme. Toerisme Vlaanderen verzamelt wel veel informatie over de logiessector, maar de beschikbare cijfers zijn ingedeeld volgens logiestypes en leveren geen afzonderlijke, representatieve benchmark op voor actieve landbouwbedrijven. Een percentage uit de hotelsector als gemiddelde voor een vakantiewoning op een boerderij presenteren zou daarom misleidend zijn.

Ook de algemene financiële cijfers moeten voorzichtig worden gelezen. In de logiesbevraging van 2026 meldde 87% van de Vlaamse logiesuitbaters dat 2025 met een positief of neutraal resultaat was afgesloten en 13% een verlies. Dat gaat over de volledige logiessector en zegt dus niet hoeveel een gemiddeld landbouwbedrijf aan hoevetoerisme verdient.

Dit is omzet, geen inkomen voor de landbouwer. Van dat bedrag moeten nog schoonmaak, was en bedlinnen, water en energie, boekingskosten, ontbijt of andere inbegrepen diensten, verzekeringen, onderhoud, administratie, lokale heffingen waar van toepassing, afschrijving van de investering en vooral de eigen arbeid worden betaald.

Daarom is bezettingsgraad alleen geen goede maatstaf. Een groot verblijf dat hoofdzakelijk volledige weekends aan groepen verkoopt, kan met veel minder boekingen werken dan een B&B met kamers die per nacht worden aangeboden. Ook een logies dat bewust alleen tijdens een deel van het jaar beschikbaar is, moet zijn bezetting berekenen tegenover de werkelijk verkoopbare nachten, niet automatisch tegenover 365 dagen.

Wanneer past hoevetoerisme bij je landbouwbedrijf?

Hoevetoerisme past vooral wanneer de landbouwactiviteit zelf iets toevoegt aan het verblijf én wanneer iemand op het bedrijf zin en tijd heeft om gasten te ontvangen. Gastvrijheid stopt niet bij het overhandigen van een sleutel. Vragen beantwoorden, schoonmaak organiseren, boekingen opvolgen en omgaan met aankomst- en vertrekmomenten worden een nieuwe bedrijfstaak.

De ligging en het gebouw spelen uiteraard mee, maar het concept is minstens zo belangrijk. Een melkveebedrijf waar gezinnen dieren kunnen ontdekken vraagt een andere aanpak dan een grote vierkantshoeve die zich richt op familiegroepen. Een rustig verblijf voor twee vraagt weer een ander serviceniveau dan acht kamers met ontbijt.

Maak daarom vóór de investering een eenvoudige simulatie met je eigen aantal verkoopbare nachten, realistische verblijfsprijs en verwachte boekingsmix. Bereken daarna ook de uren die jij of je gezin eraan besteden. Pas dan wordt duidelijk of de verbredingsactiviteit werkelijk bij het bedrijf past.

Welke rol kan Connect spelen voor een hoevelogies?

Lekker van bij ons Connect is geen boekingssite voor toeristen. Het is een gratis B2B-netwerkplatform voor voedingsprofessionals in Vlaanderen, waar bedrijven elkaar kunnen vinden en mogelijke samenwerkingen ontdekken. De community telt meer dan duizend bedrijfsprofielen.

Voor een producent met hoevetoerisme kan dat bijvoorbeeld relevant zijn rond het aanbod naast de overnachting. Wie ontbijtmanden met producten van collega's wil aanbieden, een lokale drank zoekt, bezoekers wil laten kennismaken met streekproducten of samen met een andere producent een landbouwbeleving wil uitwerken, kan binnen Connect naar voedingsprofessionals en mogelijke partners zoeken en contact leggen.

De toerist boekt het verblijf dus elders. Connect kan vooral helpen om de lokale samenwerkingen rond dat verblijfrijker te maken.

Een extra kamer is nog geen nieuw bedrijfsmodel

Een leegstaand gebouw op een landbouwbedrijf kan hoevetoerisme aantrekkelijk doen lijken, maar de beslissing begint niet bij de renovatie. Eerst komen de gasten die je wilt ontvangen, de ervaring die je kunt aanbieden en de tijd die je daarvoor vrij wilt maken. Daarna volgen brandveiligheid, logiesregels, verzekeringen en een realistische bezettingsberekening.

Voor gasten zit de aantrekkingskracht net in datgene wat een gewone vakantiewoning moeilijk kan kopiëren: een verblijf op een plek waar daadwerkelijk wordt geboerd. Voor een producent ligt daar eveneens de sterkste basis. Niet alleen slapen op het platteland, maar mensen laten kennismaken met het bedrijf dat er elke dag actief is.